We hadden allemaal met plezier het boek van Moshin Hamid, De val van een fundamentalist, gelezen, maar er waren toch wat kanttekeningen. Te oppervlakkig, te weinig diepgang, te veel thema’s en geen tegenstem.We zijn vandaag ook van ons geloof gevallen, want we kiezen voor het eerst een non-fictie boek en wel Hoe te leven, een leven van Montaigne in een vraag en twintig pogingen tot een antwoord, van Sarah Bakewell.

Montaigne (1533-1592) is door de kenner S. Dresden de spelende filosoof genoemd en zo is het ook. Montaigne was inderdaad een onbevangen denker. Zonder zwaarwichtigheid putte hij uit zijn ervaringen en zijn lectuur. Uitgever Van Gennep heeft ervoor gezorgd dat zijn zeer leesbare humanistische gedachtespel in het Nederlands toegankelijk is. En voegt daar nu de essayistische biografie aan toe van Sarah Bakewell. Zij schrijft over de auteur en zijn leven alsof ze als vriendin bij hem over de vloer heeft verkeerd. Ze behandelt haar lezers daarbij als vrienden met wie ze het allerbeste voor heeft door ze in contact te brengen met Montaignes overdenkingen over het leven. Hoe je er wat van maken kunt in contact met je medemensen, daar gaat het vooral over. Over vriendschap dus, bijvoorbeeld, een prachtig essay. En nog veel meer goed gemeende raadgevingen: maak je geen zorgen over de dood, lees veel, doe je werk goed maar niet té goed, wees gewoon en onvolmaakt. Een dik mensenboek van grote klasse, om langdurig hap voor hap van te nemen.
Boektitels die verder ter tafel kwamen;
Fictie: Valeria Luiselli, Begin, midden, einde (enthousiaste reacties), schrijfster ook van Archief van verloren kinderen (heb ik gelezen, prachtig boek) en Mark Stokmans De byzantijn, een Venetiaans epos. Heb ik meteen besteld bij de bibliotheek.


Als de flamboyante Venetiaan Alessandro Apolinare Ortolani zich geconfronteerd ziet met zijn sterfelijkheid, vraagt hij de Nederlandse schrijver Ruben naar Venetië te komen om zijn levensverhaal op te tekenen. ‘Het wordt een opera in veel te veel aktes,’ zegt Ortolani zelf, een opera die begint met zijn ‘explosieve’ geboorte in 1918 en langs een wervelend decor voert dat wordt gevormd door het fascisme van Mussolini, de Tweede Wereldoorlog en de chaotische decennia erna.
Vol overgave vertelt Ortolani over zijn liefdes en verliezen, zijn vrienden en vijanden, zijn heldendaden en misdaden, zijn zoektocht naar geluk en zijn diepste gemis. En dat alles in Venetië, waar de schoonheid en de dood nooit ver weg zijn. Ortolani’s verhalen worden gaandeweg wonderbaarlijker, en Ruben begint zich af te vragen waar hij eigenlijk naar luistert: een waarheidsgetrouwe autobiografie of een bij elkaar gefantaseerd heldenepos?
Non-fictie: De tirannie van verdienste van Michael J. Sandel, De strijd van Paul Sanders, een Joodse journalist in de vuurlinie van de 20e eeuw, Amsterdam, Berlijn, New York, van Claartje Wesselink, Jaap van Heerden, Fascinaties, een intellectuele autobiografie en Poetins tsaristische droom, geschiedenis als wapen in de Russische politiek, van Beatrice de Graaf en Niels Drost.



Verdere tips: De Documentaire over Jacinda Adern, via NPO doc, en de Podcast, Zo simpel is het niet van Maarten Schinkel en Marieke Stellinga, specifiek die over de stand van het onderwijs 27 augustus, een herhaling van Waarom gaan de Nederlandse leerprestaties zo hard achteruit. (de best beluisterde podcast van het tweetal).