Boekentips

In mijn vorige blog had ik het over mijn heimwee naar sneeuw. Ik was als kind al gek op sneeuw en schaatsen en ging ook vaak s’avonds nog even in mijn eentje naar de schaatsbaan. De laatste keer dat we grote bergen sneeuw hadden was in 2009 (of was het 2005?). Ik had een radioprogramma van RTVAlkmaar in de bibliotheek, Lezen op Locatie, en zat te wachten op de gasten die zouden komen. Het was halverwege november (normaal niet de tijd voor sneeuw) en ineens begon het te sneeuwen en het hield niet meer op. Wekenlang ging ik lopend met ijzers onder mijn schoenen naar mijn werk. Die gasten kwamen niet en ik moest twee uur improviseren om het gat te vullen. Maar dat is dus al 11/12 jaar geleden en de gekte is al los gebarsten. Ik verheug me er op ondanks de problemen die het op gaat leveren. Ik ging ook altijd als het begon te sneeuwen een wandeling maken om even die sfeer van ongereptheid te ervaren, maar daar is het al heel lang niet van gekomen. Zondag gaat dat nu toch gebeuren met een gevoelstemperatuur van -20!.

Ik ben voorbereid, heb genoeg boeken in huis, mijn eigen kleine sportschooltje (hometrainer en roeiapparaat, gewichten enz), en…..ik heb een week geleden mijn oude liefde weer ontdekt, de piano. Een week geleden heb ik mijn piano laten stemmen en de stemmer gaf me een gouden tip. Ik ben in het verleden regelmatig weer begonnen maar liep altijd weer vast. Ik speelde dan mijn stukken van vroeger die behoorlijk lastig waren. Zijn tip was om gewoon weer een tijde Szerny (Schule der geleufigkeit) en Diabelli stukken te oefenen en ik merk dat dat precies was wat ik nodig had. De vingerzettingen, de grepen, de ritmes oefenen voordat je je weer waagt aan echt stukken.

Verder heb ik de afgelopen week met groeiende interesse het boek van Kate Elisabeth Russell, Mijn duistere Vanessa gelezen. Een intelligent boek over de liefdesrelatie tussen een meisje van 15 met haar dertig jaar oudere docent. Heel genuanceerd en gelaagd met veel psychologische diepgang. Een boek waar je lang over na blijft nadenken. Op mijn leestafel ligt ook nog Sipko Melisssen, De vierde mei (over een 69jarige!! vrouw die haar leven overdenkt) en De bekeerlinge van Stefan Hertmans (over een christelijke vrouw in de elfde eeuw die haar leven vergooit voor een joodse man).

Read more

Ik betrap mezelf op het gevoel dat ik heimwee heb naar sneeuw. Twee weken geleden begon het op zaterdag ineens te sneeuwen en dan komt er zo´n geluksgevoel en ook opwinding over me. Op het ogenblik kijk ik de fantastische serie Fargo op Netflix en een van de aantrekkelijke aspecten in deze serie komt voor mij doordat het grotendeels in een ijskoud besneeuwd landschap in Minnesota is opgenomen.

Ik bedacht ook van de week tijdens het kijken van een aflevering dat een paar boeken in mijn top 10 van beste boeken zich allemaal in de sneeuw afspelen. Hier komen de titels van die boeken; Orhan Pamuk, Sneeuw, over een journalist die onderzoek doet naar de lokale verkiezingen in Oost-Turkije en door hevige sneeuwval afgesloten raakt van de wereld, Jon Kalman Stefansson met de drieluik Hemel en hel, Het verdriet van de engelen, Het hart van de mens, Ismail Kadare, Breuk in april (over bloedwraak in de bergen van Albanie) en als laatste Het Franse testament van Andrei Makine, waarin vooral de beschrijving van de Siberische taiga’s grote indruk op me hebben gemaakt. En wat een paar jaar later bij een Siberische vriendin van mijn zoon die op bezoek was grote ogen opleverde omdat ik wist waar Krasjonarsk lag, waar ze vandaan kwam (het boek speelt zich in die omgeving af).

Tijdens de Russische winters vertelt een grootmoeder haar kleinzoon fascinerende verhalen over het mythische Frankrijk uit haar jeugd. Later beseft de jongen dat het echte Frankrijk anders is dan het ‘Atlantis’ dat hij in gedachten koestert. Zijn teleurstelling is groot. Maar na een laatste ontmoeting met zijn fantastische grootmoeder, realiseert hij zich dat het leven tussen twee werelden hem juist in staat stelt de dingen beter te zien. Als schrijver vindt hij een taal die evenwicht aanbrengt tussen herinneringen en werkelijkheid.

‘…Dit boek, het vierde, is de kroon op zijn schrijverschap, maar vooral ook een kroon op het hoofd van zijn grootmoeder, die ons met de schoonheid van de verbazing en de verwondering om dit leven aankijkt…’

Vooral Jon Kalman Stefansson wil ik heel graag herlezen en dan drie delen achter elkaar. Maar ik wacht tot we weer eens een winter met sneeuw krijgen. Verder heb ik afgelopen week het boek van Roxane van Iperen Het Hooge nest uitgelezen en ben ik nu met een bijna soortgelijk boek van Stefan Hertmans, De opgang. Er is wel meteen een groot verschil merkbaar tussen een journaliste die op een mooi onderwerp stuit (het huis dat ze kocht blijkt in WO2 een schuilplaats voor 20 joden te zijn geweest), en een schrijver die er achter komt dat hert huis waar hij 20 jaar woonde vroeger door een SSer en berucht joden jager werd bewoond. Bij van Iperen moest ik echt even doorzetten en had voor mijn gevoel de inleiding tot het verhaal korter gemoeten, maar bij Hertmans zit je meteen in zijn prachtige taalgebruik en rijke fantasie. Door die twee boeken krijg ik wel behoefte om vanavond de serie van Jules Schelvis, De sobibor-tapes te bekijken. Een van de weinige mondelinge verslagen van een opstand in een concentratiekamp. De interviews zijn ook in boekvorm verschenen.

Read more

De afgelopen hoorde ik vier mensen klagen (waaronder ikzelf) over boeken die ze begonnen, die vurig waren aangeprezen, en die ze toch terzijde hadden gelegd. Allemaal literaire boeken. Ik moest ineens denken aan 2008, het jaar dat de bibliotheek Alkmaar 100 jaar bestond. Ik moest toen in een maand tijd 50 mensen interviewen die een compleet zouden geven van al onze lezers, voor het boek 1908-2008, 100 jaar bibliotheek Alkmaar van Hans Koolwijk. De jongste die ik interviewde was 4 de oudste dik in de 80. Heel veel van die interviews zijn me bijgebleven, onder andere die van een ouder echtpaar. Ik citeer hier een stukje uit het interview…

Oudere literair (ik gaf iedere geïnterviewde een trefwoord)

Echtpaar S. (69/70); mevrouw heeft na een leven lang literair de thriller ontdekt. Leest alleen nog Henning Mankell, Val McDermid, Elisabeth George. ‘Romantische boeken is iets voor bij een wijntje’. Is nog steeds lid van een boekenclub. Bij meneer is het precies andersom. Las altijd alleen maar thrillers en heeft nu de literatuur ontdekt. Leest Reve, Hermans, zoekt nu echt naar verdieping tijdens het lezen. Ze krijgen hun titels uit de krant en van andere boekenclublezers.

Ik heb de afgelopen week toch het boek van Karl Marlantes De rivier weer terug gebracht (net niet boeiend genoeg beschreven). Ik wist dat er reserveringen opstonden en ik moest nog 600 bladzijden. Ik ben nu begonnen in Roxane van Iperen Het Hooge nest. dat blijft maar op de bestseller lijsten staan, dus hoop ik dat het ook mij boeit. Tijdens het gesprek met twee van de teleurgestelden in de literatuur kregen we het ook over de (auto)biografie. Dat blijkt toch steeds een genre dat heel erg populair blijft. Dat waren in de bibliotheek, naast de kast van de Waargebeurde verhalen, de meest gelezen boeken. Er kwamen biografieën van filosofen voorbij (Sartre), van kunstenaars (Picasso) en van politici. De biografie geeft als het goed is ook vaak een mooi tijdsbeeld en dat is altijd boeiend als je die tijd zelf kent. Ik krijg binnenkort Annie Cohen Solal, Jean Paul Sartre, zijn biografie te leen. Van Picasso wil ik wel Picasso In Holland, Parijs- Schoorldam 1905 lezen van Kees komen. Er ligt ook nog het boek van Miriam Toews Wat ze zeiden, in de bibliotheek voor me klaar.

Read more

Iedereen die mij goed kent weet dat ik een zoon heb die meerdere psychoses heeft gehad. Toen de tweede psychose zes jaar geleden optrad heeft dat geleid tot veel misère. Ik ben toen ruim een jaar bezig geweest met voorlichtingsavonden, trainingen over de omgang met psychoses en het lezen van bijna alles wat er op dat gebied voorhanden was. Daarna ben ik gestopt omdat de situatie weer rustig was geworden door juiste medicatie. Als ik in de krant artikelen tegen kom over dit onderwerp lees ik dat altijd met grote interesse. Zo als onlangs een artikel in de Volkskrant over een experiment in Zweden met het afbouwen van medicatie bij mensen met psychoses. Afbouwen van medicatie is een grote wens van bijna alle mensen die deze medicatie slikken, maar het brengt grote risico’s met zich mee. Ik heb me ook erg geërgerd aan de discussie afgelopen jaren over de aanpak van “de verwarde mens”. Door een paar ernstige voorvallen met psychotische mensen (de moord op Els Borst, de jongen die twee jaar geleden drie mensen doodstak) wordt er een enorme angst aangekweekt voor de verwarde mens in het algemeen. Terwijl uit onderzoek blijkt dat deze mensen niet gevaarlijker zijn dan “normale” mensen. Afgelopen week las ik het boek van Karlijn Roex, In verwarde staat, kritiek op een politiek van normaliteit.

Zoals Trudy Dehue in het voorwoord schrijft zouden alle beleidsmakers dit boek moeten lezen en daar kan ik het hardgrondig eens mee zijn. In dit boek diagnosticeert de auteur niet de verwarde persoon, maar de samenleving die dit begrip in leven heeft geroepen. Roex is zelf sociologe en soms “verward” en schrijft als ervaringsdeskundige over de akelige gevolgen van het stigma, van in de cel gegooid worden (ook meegemaakt) tot angst van je omgeving voor je gedrag. We leven in een maatschappij waarin mensen steeds dwingender bepaald gedrag wordt opgelegd. En waarin door het neoliberalisme alle sociale voorzieningen zijn afgebouwd waardoor mensen met een probleem niet meer geholpen worden en daardoor zichtbaar worden op straat. Dehue schreef in 2015 Betere mensen, gezondheid als keuze en koopwaar, waarin ze pleit voor meer varieteit aan mensen en wetenschap.

Betere mensen laat zien dat wetenschappelijk onderzoek de werkelijkheid eerder vormgeeft dan dat ze haar ontdekt. Er is veel meer openheid nodig over de manieren waarop wetenschap de realiteit creëert, betoogt Trudy Dehue, omdat ze het leven anders vóór anderen, maar niet met hen maakt. Het onderzoek naar ADHD bij volwassenen en het ontwerp van nieuwe hersentechnologie dienen als centrale voorbeelden in een pleidooi voor het behoud van variatie in typen wetenschap, omwille van het behoud van variatie in typen mensen

Ik las in 2009 ook het boek De depressie epidemie van Trudy Dehue en in 2011 Borderline times, het einde van de normaliteit van Dirk De Wachter. Beiden kritische denkers die niet de mens maar het systeem onder de loep nemen. Het is geen toeval dat normaliteit in de ondertitel van het boek van De Wachter verschijnt. We hebben de afgelopen week de bestorming van het Capitool gezien, de uitkomst van de toeslagenaffaire waarin mensen door het systeem worden vermalen, de vrouw die 7000 euro moest terugbetalen omdat haar moeder boodschappen voor haar had gedaan. Ik heb dat zelf ook ervaren toen mijn zoon al zijn papieren kwijt was geraakt tijdens zijn psychose. Hoe toon je aan dat je bent wie je bent als je geen papieren hebt. Nog net geen nacht merrie omdat ik me staande weet te houden in het systeem, maar voor mensen die dat niet kunnen wordt het wel een nachtmerrie. Zoals die jongen gisteren bij OP1 die 13 jaar na zijn toelating tot Nederland nog steeds geen papieren had. De menselijke maat is verdwenen, dat is het verbindende thema van al deze boeken.

Het boek wat ik daarna las heeft met het bovenstaande boek van Roex ogenschijnlijk niets te maken, maar schijn bedriegt. Het gaat om de bestseller van Jenny Odell, De macht van nietsdoen, een radicaal verzet tegen de aandachtseconomie. En nee, het gaat in dit boek juist helemaal niet over nietsdoen. Je moet juist heel veel doen en dat is je verzetten tegen het doorgeschoten kapitalisme, waarin je alleen nog maar als consument wordt gezien, waarin constant wordt gestreden om je aandacht. Ze geeft heel veel voorbeelden van mensen die zich verzetten en zo dingen voor elkaar krijgen (een prachtig park dat opgeofferd moest worden voor een huizenblok). De rode draad in haar boek, ja, je moet aandacht hebben, maar niet voor het scherm maar voor je omgeving, je wijk, de mensen. Ze is absoluut niet tegen technologie, maar je moet het wel op de juiste manier gebruiken.

Read more

Ik kom weer elke week in de bibliotheek om boeken te halen. Mijn winkeltje bij de kringloop is gesloten (en als het tegenzit zal het nog veel langer gesloten zijn) dus zit er niets anders op dan weer naar de bieb te gaan. Gelukkig hebben ze afhaalservice, dat was de vorige lockdown niet het geval. Ik ben afgelopen begonnen in De rivier van Karl Marlantes.

Lekker dik, goed geschreven boek over de lotgevallen van een Fins immigrantengezin in Amerika in het begin van de twintigste eeuw, ik kan weer even vooruit. Tussendoor heb ik het tweede deel van Kopenhagen Trilogie Jeugd van Tove Ditlevsen gelezen. Mooi, treurig boek. Deel drie Afhankelijkheid is nog niet aanwezig in de bibliotheek, daar moet ik nog even op wachten.

Zou ik hem de waarheid vertellen? Vertellen dat ik verliefd was geworden op een doorzichtige vloeistof in een spuit en niet op de man die de spuit vasthield?’ Tove is pas net twintig en nu al een gevierd schrijver. Ze is inmiddels getrouwd met een veel oudere redacteur en lijkt het allemaal prima voor elkaar te hebben. Maar van binnen is ze ten einde raad. Het voorspelbare leven benauwt haar en ze noemt haar passieloze huwelijk ‘een vergissing’. Wat volgt is een periode vol affaires, echtscheidingen, gewenste en ongewenste zwangerschappen en Tove begint aan een gevecht dat heel haar leven zal voortduren: de strijd met afhankelijkheid, in al haar vormen. Afhankelijkheid is het laatste deel van de memoirereeks de Kopenhagen-trilogie. Het wordt gezien als Ditlevsens meesterwerk: een duister en duizelingwekkend portret van een verslaving – en de weg daaruit Tove Ditlevsen (1917-1976) werd jarenlang gezien als een schrijver die niet in de literaire kringen van haar tijd paste; ze was een huisvrouw uit de arbeidersklasse met vier gestrande huwelijken en een sluimerende drugsverslaving, waar ze ook nog eens openhartig over schreef.

Verder kreeg ik nog een paar leuk tips van een vriendin die net even binnen viel; Penelope Fitzgerald, De blauwe bloem, over de dichter en filosoof Novalis en De boekhandelaar. De andere tip was Peter Delpeut, In het zwart van de spiegel.

In het zwart van de spiegel’ van Peter Delpeut vertelt het verhaal van een filmmaker die lijdt aan een raadselachtige oogkwaal die langzaam zijn blikveld vernauwt. Als troost voor het onbestemde gevoel van verlies dat hem overvalt, gaat hij op zoek naar landschappen – geschilderde. In het voetspoor van de zeventiende-eeuwse landschapsschilder reist hij door Europa. Als in een tijdmachine krijgt hij gezelschap van aristocratische kunstverzamelaars, eigenzinnige schilders, kardinalen en spionnen – reisgenoten die ongemerkt zijn eigen verleden spiegelen, waarin het geheim van een spoorloos verdwenen geliefde hem niet loslaat. ‘In het zwart van de spiegel’ is een weergaloze roman, melancholisch van toon en rijk aan overpeinzingen. Liefdesgeschiedenis, reisverhaal, kunsthistorie en essay ineen. Een boek dat je aanspoort om naar buiten te gaan en bewijst dat zonder kunst het leven niets voorstelt.

Voor een vriendin (Proust-fan) heb ik een boek gehaald dat zich kan meten met Proust volgens de recensenten, John Cowper Powys, Wolf Solent. Ik ben er even in begonnen en kreeg er wel zin in, vreemd boek, vrij lastig taalgebruik, maar je komt er langzaamaan wel in.

Op Netflix ga ik nu de serie Midnight sky beginnen met George Clooney in de hoofdrol en als regisseur.

The Midnight Sky is een Amerikaanse sciencefiction- en dramafilm uit 2020 onder regie van George Clooney, die zelf ook een hoofdrol vertolkt. Het is een verfilming van de roman Good Morning, Midnight van schrijfster Lily Brooks-Dalton.

Read more

Mijn zus had het al voorspeld, als je eenmaal niet meer werkt heb je minder kleding nodig. Omdat ik voor mijn radiowerk vaak in de openbaarheid opereerde was het bij mij nog iets erger, ik moest altijd tien (afhankelijke van seizoen, temperatuur) leuke kleurige colbertjes in de kast hebben anders had ik het idee dat ik niet goed voor de dag kon komen. Maar wel alles altijd tweedehands natuurlijk, want kleding was er al jaren in overvloed. Nu met de lockdown lees je dat iedereen in gemakskleding achter de computer zit en veel minder bezig is met kleding. Vanochtend las ik in de krant dat er al weer twee modeketens failliet zijn (Miss Etam en…). Als ik nou iets hoop voor na de coronacrisis is het wel dat de overproductie van kleding eens gaat afnemen. Al dat water dat er voor nodig is, al dat plastic en pvc dat er voor nodig is. In de Volkskrant van 16 december stond een leuk artikel over het gebruik van mycelium, het netwerk van draden van een schimmel. Dit mycelium zal heel veel plastic gaan vervangen in kleding. Dat lijkt me nou echt een revolutie

Een mycelium is een netwerk van schimmeldraden, of hyfen. Mycelia groeien vaak onder de grond, maar kunnen ook op andere ondergronden groeien, zoals in rottende boomstammen. Eén enkele spore kan al uitgroeien tot een mycelium. Uit het mycelium kunnen de vruchtlichamen van schimmels, zoals paddenstoelen, groeien.

In Nederland heb je Aniela Hoitink die als eerste Mycotex gebruikt, afbreekbare kleding.

MycoTEX is a replacement of traditional fabrication techniques that require spinning, weaving, cutting and sewing textiles. Furthermore it is a replacement of traditional textile materials such as leather, fake leather or synthetics. MycoTEX is a new developed material with it’s own characteristics somewhere in between leather and plastic. Aniela won in 2018 de prestigieuze Global change award voor MycoTEX. Jonge vrouwen die zich laten inspireren door de natuur, in dit geval de paddenstoel, om baanbrekende innovatieve ontwikkelingen in te zetten. Heel inspirerend. Paddenstoelen zijn sowieso inspirerend voor veel kunstenaars en architecten. Kijk naar Sevilla met de metropol parasol en in Nederland het station van Arnhem of het hoofdkantoor van de Triodosbank (mijn bank).

Maar genoeg over kleding, even nog wat lees/kijkvoer. Ik ben al halverwege het boek Pobeda 1946 van Ilmar Taska, weer een boek dat ik bijna niet weg kan leggen, zo wurgend beklemmend is het geschreven. Taska is een Est die de situatie in zijn land beschrijft vlak na de tweede wereldoorlog als ineens het ijzeren gordijn valt en de mensen in de Baltische staten geofferd worden tijdens de vredesbesprekingen met Rusland. Alle hoofdpersonen worden slachtoffer van het communistische systeem, zelfs degene die dacht dat hij een trouwe kameraad van het systeem was. Alleen degene die blijft geloven in schoonheid en de kunst en het land uitvlucht wordt niet vermorzeld. Met zo’n boek vallen alle problemen die we nu hebben met de coronacrisis in het niet. Verder had ik zin in het boek van Karl Marlantes, De rivier. Over een Fins immigrantengezin (ook gevlucht uit Rusland vanwege de revolutie van 1917), in Amerika. En op televisie ga ik vanaf volgende week 8 januari de serie volgen op de VPRO over het ontstaan en de ontwikkeling van de Nederlandse democratie, De strijd om het binnenhof.

Read more

Ik rommel wat in de keuken en heb Radio1 aan. Ik hoor Ernst Kuipers in gesprek met Sven Kockelmans over de dreigende triage. We hebben allemaal de kranten gelezen en ik ben niet de enige die verbaasd is dat alles echt alles opzij wordt geschoven voor de corona-zorg. Waarom komen zoveel oudere mensen op de IC die daarna als wrakken moeten leven als ze al niet doodgaan Gelukkig laten heel wat huisartsen oudere mensen met hulp thuis sterven. Anders was het leed helemaal niet te overzien. Ik denk dat ik ook niet graag op de IC beland en liever de natuur op zijn beloop zou laten. Ik had recentelijk al besloten dat ik zou stoppen met fysiotherapie en osteopathie nadat ik had geconcludeerd dat het eigenlijk allemaal weinig verlichting gaf voor diverse pijntjes. En trouwens ook door een opmerking van mijn vroegere buurvrouw (manager in een huisartsenpraktijk) dat tegenwoordig alle oudere mensen eisen dat hun klachten worden behandeld, terwijl ze zich neer zouden moeten leggen bij het feit dat ze aan het slijten zijn en het dus dweilen met de kraan open is. Over oud worden gesproken, ik ben gisteren begonnen in het boek van Barbara Ehrenreich, Oud genoeg om dood te gaan, over vragen die iedereen zich ooit moet stellen.

In de tijd dat ik boeken recenseerde voor RTVNH heb ik een paar keer een boek behandeld van Ehrenreich, een celbioloog die socioloog werd omdat ze het niet meer aan kon zien hoe Amerika kapot ging aan het neoliberalisme. Ik besprak onder andere De achterkant van de Amerikaanse droom en Gouden bergen, een vruchteloze zoektocht naar succes. Het fijne van de boeken van Ehrenreich is haar humor en vileine pen. Ook in haar nieuwste boek zit je regelmatig te gniffelen vanwege haar genadeloze kritische blik die alles doorboort. Het boek gaat me echt veranderen ten aanzien van een aantal fundamentele vragen. We horen dat de zorg direct met de grijze golf niet meer te betalen is, dat er geen personeel meer zal zijn om ons te verzorgen als we erg ziek worden. Reden dus om alvast na te gaan denken over reanimatie, IC-opname en euthanasie. Naast het persoonlijk belang voor de individuele lezer is het boek ook een spiegel voor alle artsen, medicijnfabrikanten en de hele gezondheidszorg. De corruptie die in deze wereld diep is doorgedrongen is eigenlijk ook angstaanjagend. Iedereen boven de 60 moet dit boek maar lezen want ondanks de vaktermen en de diepgravende analyses is dit boek prima leesbaar voor de leek. Ik moest ook aan Lionel Shriver‘s boek De weg van de meeste weerstand denken. Over de sportverslaving van de oudere generatie Amerikanen (en langzamerhand ook de oudere generatie Europeanen). Shriver heeft net als Ehrenreich ook zo’n scherpe pen en valt er veel te lachen.

Oud genoeg om dood te gaan van Barbara Ehrenreich, winnaar van de Erasmusprijs 2018, is een vlijmscherp pleidooi voor een goed leven. Ieder mens ontdekt een keer dat het leven eindig is. Sommigen beseffen het als kind al, anderen pas wanneer de eerste grijze haren zich aandienen. Vaak proberen we dat besef zo snel mogelijk weer te verdringen, of we gaan ons ertegen verzetten met zalfjes, pilletjes of preventief medisch onderzoek. En dat is een misverstand, betoogt Ehrenreich in dit heerlijk nuchtere, geestige en tegelijkertijd diepgravende boek. De mens heeft namelijk nauwelijks invloed op het verouderingsproces, in elk geval veel minder dan de gezondheidsindustrie ons wil doen geloven. Het enige wat we kunnen kopen is de illusie dat we de boel onder controle hebben. En daar koop je uiteindelijk natuurlijk niet veel voor. Wat ons te doen staat is zowel eenvoudig als lastig: we moeten onze sterfelijkheid accepteren en onzekerheid aanvaarden. “Wat Ehrenreich beschrijft zou iedereen moeten interesseren.’ – NRC Handelsblad

En over mislukte of doorgeschoten marktwerking gesproken (want daar gaat het boek van Ehrenreich ook over), ik had nog steeds het boek van Sander Heijne, Er zijn nog 17 miljoen wachtenden voor u (2018) op mijn lijstje staan evenals zijn nieuwste boek Fantoomgroei, waarom we steeds harder werken voor steeds minder. Die ga ik snel reserveren of lenen van een boekenclublid. En verder heb ik de afgelopen weken zoveel mooie documentaires gezien, je kan er maar blij mee zijn met al die grijze, natte dagen. Naast bijvoorbeeld For Sama en Collective, zag ik gisteren het tweede deel van de documentaire die Mads Brugger maakte over een mol die 10 jaar infiltreerde in Noord-Korea om de onfrisse praktijken uit de doeken te doen. Voor iedereen die dat niet gezien heeft, doe dat alsnog op uitzending gemist. Een aanrader.

Read more

Toen ik mijn blog ruim drie jaar geleden begon, was ik van plan om veel te schrijven op het gebied van internetontwikkelingen. Ik ben daar van af gestapt omdat ik de materie te ingewikkeld vond. Heel af en toe post ik iets wat interessant is en wat iedereen kan begrijpen. Zo meldde ik in 2018 dat de EU was begonnen met het temmen van de big tech door de AVG (algemene verordening gegevensbescherming). De Europese Commissie gaat nu een stap verder en presenteerde dinsdag een aantal maatregelen waarvan wij mogen hopen dat we daarna beter beschermd worden. Dit zijn de maatregelen:

  1. De Digital Services Act; sociale platforms als Facebook en Youtube moeten duidelijk uitleggen hoe hun aanbevelingsalgoritmes werken, zodat gebruikers kunnen zien waarom ze bepaalde dingen krijgen voorgeschoteld. Gebruikers kunnen die ook uit zetten. (De Commissie ging niet mee in algehele afschaffing van gepersonaliseerde advertenties).
  2. Fraude wordt veel beter bestreden. Gebruikers kunnen illegale inhoud melden op een gestandaardiseerde wijze. Meldingen van organisaties die strijden tegen illegale content krijgen voorrang (vertrouwde melder). Verder moet iedereen die producten aanbiedt contactgegevens achterlaten.
  3. Gebruikers krijgen meer mogelijkheden om zich te verweren tegen onterecht verwijdering van een bericht of account. Per land worden onafhankelijke geschillencommissies aangesteld.
  4. Instelling van nationale Digital Services Coördinators om de regels te handhaven.
  5. Instelling van Digital Markets Act om oneerlijke concurrentie tegen te gaan. Deze Act wil poortwachters verplichten om data te delen, essentiële diensten voor derden toegankelijk maken, bijvoorbeeld betaaldiensten, en gebruikers hebben de optie om voor geïnstalleerde software te verwijderen van hun telefoon. Als bedrijven zich niet houden aan de DMA kunnen ze tot 10 % boete van hun omzet opgelegd krijgen. Bedrijven en burgers kunnen ook schadevergoeding eisen.

De Europese plannen worden ook met grote interesse gevolgd door Amerika, waar de kritiek op “Big Tech” groeit. Nou maar hopen dat het allemaal niet te lang duurt voor dat alles in werking wordt gezet. En de opmerking van een man dat internet ten onder zou gaan door fraude (de mensen willen de winkels weer terug) niet bewaarheid wordt.

Verder ben ik deze week begonnen in een boek dat ik al een jaar in mijn kast heb staan en waarvan ik dacht dat het misschien van nut kon zijn in deze tijden. Het is het boek van Etty Hillesum, Het verstoorde leven, dagboek van Etty Hillesum, 1941-1943. Een vrouw die onder de meest barre omstandigheden mensen wist te inspireren en moed in te spreken. Daar is vergeleken met deze pandemie ons probleem een peulenschil.

Read more

Ik heb net de tentoonstelling Weids bezocht in het Stedelijk museum Alkmaar. We liepen in een bijna leeg museum, maakt het toch altijd wat specialer. Ik houd erg van het Noord-Hollandse landschap. Prachtig hoor de heuvels van Maastricht, de Drentse heide, maar ik voel me echt een kustkind en houd ontzettend van een horizon. Dat stond ook aan het begin van de tentoonstelling, het belang van een horizon. Ik weet nog dat ik in de bergen van de Himalaya wandelde en een week later in het duingebied van Bergen en dacht “dit gebied is veel meer gemaakt naar de menselijke maat”. Ik vond vooral de zwartwit tekeningen van Leo van Gestel heel mooi. Ik heb sinds een paar maanden tekenles en ga proberen deze tekeningen na te maken.

De in Noord-Holland bijna altijd zichtbare horizon loopt als een eindeloze streep door de tentoonstelling en verbindt alles met elkaar. Weids! vormt voor heel Noord-Holland een waardige aftrap van het themajaar Ode aan het Nederlandse landschap 2021. De woorden aan het begin van de tentoonstelling.

Ik zag tot mijn grote blijdschap dat vanaf 1 mei het Stedelijk museum een tentoonstelling wijdt aan Rudi van de Wint waar ik recentelijk een blog over heb geschreven naar aanleiding van een bezoek met vrienden aan zijn kunstproject De Nollen in Den Helder Zuid. Ik ben afgelopen week ook nog naar de film The assistent geweest. Laaiend recensies in de kranten en de film was ook heel bijzonder, maar ik ging toch met een onbevredigend gevoel de bioscoop uit. Het gaat niet alleen over het misbruik op een groot kantoor van een entertainment-tycoon (die je niet krijgt te zien), maar ook over een onmenselijk kantoor waarin iedereen elkaar onderuit probeert te schoffelen. De hoofdpersoon is bereid alles te pikken en onder aan de ladder te beginnen omdat ze in die wereld wil zijn. In het echt leven zou ze niet dezelfde keuzes maken als op het werk. Dat mensen bereid zijn zo ver te gaan. Ik had gehoopt dat er nog een andere wending zou komen voor de assistente, maar die komt niet. Ze gaat mee in die wereld en dat stelde me te leur.

De film sluit wel mooi aan bij de vierdelige serie Room 2806, the accusation op Netflix die ik afgelopen weekend ook bekeek. De serie gaat over de aanrandingszaak tegen Dominique Strauss Kahn, de man die in 2011 op het punt stond om de nieuwe president van Frankrijk te worden en zichzelf ten val bracht door een kamermeisje te overmeesteren en dacht dat hij overal mee weg kon komen. Dat gebeurt ook maar hoofd van de IMF en president zal hij niet meer worden. Hij schijnt nog steeds staatshoofden (in Afrika) te adviseren vanuit Marokko. waar hij nu met een nieuwe jonge vrouw woont.

Wat betreft de boeken, ik heb De jaren van Annie Ernaux in een paar dagen uitgelezen en was ook daar niet weg van. Een autosociobiografie waarin Ernaux aan de hand van foto’s een verband probeert te leggen met alles wat er in de wereld om haar heen gebeurde. Het voortdurend heel en weer geslingerd worden tussen privé beslommeringen en het wereldtoneel vond ik vermoeiend. Vandaag heb ik twee delen besteld van de drieluik van Tove Ditlevsen, een Deense schrijfster.

Tove Ditlevsen (1917–1976) werd jarenlang gezien als een schrijver die niet in de literaire kringen van haar tijd paste; ze was een huisvrouw uit de arbeidersklasse met vier gestrande huwelijken en een sluimerende drugsverslaving, waar ze ook nog eens openhartig over schreef. Hoe anders is dat nu: een nieuwe generatie van veelal jonge lezers herontdekt wereldwijd het oeuvre van Tove Ditlevsen. Ze wordt nu gezien als een van de grote literaire sterren van Denemarken. Haar rauwe en springlevende proza krijgt eindelijk de waardering die het verdient. De Kopenhagen-trilogie is haar meest kenmerkende werk, waarvan het eerste deel nu voor het eerst in het Nederlands vertaald is. In Kindertijd beschrijft Ditlevsen hoe het is om op te groeien als buitenbeentje in het Kopenhagen van na de Eerste Wereldoorlog. Er brandt iets onbestemds, iets groots in haar. En ze weet dat ze op een dag moet ontsnappen uit de omgeving van haar kindertijd.

Read more

Ik krijg soms wel eens commentaar op het feit dat ik zo’n vaste indeling heb van mijn dagen. De sportschool, het vrijwilligerswerk, de tekenles, de mantelzorg, de dagelijkse ochtendkrant, de VPRO-gids op woensdag, de Groene op donderdag, de boekrecensies van de NRC op vrijdag, de wekelijkse wandeling met vrienden, eten om half 6. Blijft er dan nog tijd over voor onverwachtse dingen? Daar kan ik kort over zijn, absoluut. Ik verschuif regelmatig mijn sportschool, de krant kan overgeslagen worden, de mantelzorg uitgesteld. Nee hoor, maak je geen zorgen. Ik weet dat ik goed gedij bij een regelmatig leven. Ik lees sinds de uitbraak van de Corona-epidemie dat mensen radeloos worden van alles wat wegvalt, ze missen hun structuur. Daar heb ik weinig last van gehad. mijn sportschool verving ik door wandelen en fietsen, vrienden bezocht ik ik in de tuin, ik ging wat uitgebreider koken, ik miste eigenlijk alleen mijn vrijwilligerswerk en af en toe de horeca. En ik ben ook wat wat meer gaan lezen, wat alleen maar fijn is. Ik ben net naar de bibliotheek geweest om het boek van Annie Ernaux, De jaren te halen.

Dit boek is een collectieve autobiografie van onze tijd. Het vertelt het verhaal over de periode 1941-2006 door de lens van het geheugen, van tegenwoordige en herinnerde indrukken, culturele gewoonten, taal, foto’s, boeken, liedjes, radio, televisie, reclame en krantenkoppen.
Annie Ernaux slaagt erin een vorm te vinden die zowel subjectief als onpersoonlijk, particulier als collectief is, een nieuw genre in feite, dat beoogt het verleden te vangen. Als vermenging van autobiografische fictie en sociologie is De jaren ‘een Op zoek naar de verloren tijd van ons tijdperk van mediadominantie en consumentisme’ (The New York Times), een monumentale bijdrage aan de twintigste-eeuwse Franse geschiedenis zoals weerspiegeld in het leven van één vrouw.

Ik heb de afgelopen week twee boeken terzijde gelegd. Het boek dat me aangeraden was door een vriendin, City of girls van Elizabeth Gilbert en De akte van mijn moeder van Andras Forgach. Ondanks dat het eerste boek wel vermakelijk was en het echt fantastische recensies heeft gekregen boeide het me toch niet genoeg. Het boek van Forgach vond ik door de stijl (veel letterlijke documenten van de verslagen van zijn moeder die voor het Hongaarse regime werkte als informant) en de inhoud te moeilijk. Vooral de problematiek van de Joden die tegen het zionisme waren (zijn moeder was joods en tegen het zionisme) en die fanatiek het communisme aanhingen zoals zijn moeder kon ik soms niet helemaal volgen. Te intellectueel denk ik of niet goed ingevoerd in die gedachtewereld. Vreemd was ook dat de Engelse vertaling The acts of my mother luidde. Het centrale thema is namelijk dat de moeder van Forgach haar eigen kinderen rapporteerde en dat de zoon daar mee in het reine moet zien te komen.

Verder verheug ik me enorm op een nieuw uitgekomen boek van Konstantin Paustovski, De muziek van de herfst, dat bestaat uit een aantal nooit eerder in het Nederlands vertaalde verhalen. Ontmoetingen met mensen tijdens zijn eindeloze zwerftochten door het grote Russische rijk.

Read more