Boekentips

Afgelopen week, op 27 februari, stond er in de Volkskrant een leuk artikel over de fans van Biggles, jongensboekenheld sinds de jaren veertig (schrijver  W.E.Johns schreef 97 boeken tussen 1932 en 1968). Op 24 maart is er een bijeenkomst van de International Biggles Association voor verzamelaars. De verzamelaar Dirk Edel is bang dat zijn kinderen alles naar de kringloop zullen brengen. Maar dat wil hij niet laten gebeuren. Hij wil alles in een keer laten veilen. Afgelopen week had ik toevallig een paar titels van Biggles bij de schenkingen.

De bovenstaande introductie brengt me op een onderwerp waar ik me de afgelopen maanden regelmatig het hoofd over heb gebroken. Ook in onze boekenafdeling geldt de regel dat de boeken er wel een beetje fris uit moeten zien of redelijk actueel moeten zijn. De echt “oude”boeken belandden altijd in een aparte kast die ook helemaal apart van de rest van de boeken staat. Ik ben de afgelopen maanden gaan experimenteren met boeken die volgens mij voor veel mensen sentimentele waarden hebben en dat pakte goed uit, want de kast loopt als een trein. Oude kinderboeken (Karl May, Joop ter heul, Arendsoog, Ot en Sien, Kruimeltje), oude drukken van klassiekers, oude atlassen. Niet alleen worden ze gekocht door verzamelaars maar vooral door mensen die het fijn vinden hun oude kinderboeken terug te zien. Soms willen ze die ook weer voorlezen aan hun eigen kinderen of kleinkinderen.

Dirk Edel werd als kind gegrepen door het internationale karakter van de avonturen, maar vooral door zijn grote belangstelling voor de luchtvaart. Rob Schouten, literair criticus en columnist van Trouw, werd vooral gegrepen door de exotische locaties. Met Biggles vloog je de hele wereld rond, De avonturenverhalen hebben zijn horizon verbreed zegt hij en is niet toevallig ook een reiziger geworden. In dit artikel kan je goed zien hoe groot de invloed is die boeken hebben op de fantasiewereld van kinderen en jong volwassenen. Ik kan dat volmondig beamen. Ik ging ooit geografie studeren omdat ik Nooit meer slapen van W.F.Hermans op mijn eindexamenlijst had staan en een 10 voor mijn aardrijkskunde scriptie (ik haakte na een jaar af omdat de studie veel te veel bèta-kennis vereiste).

Ik heb vandaag weer heerlijk gewerkt op de boekenafdeling (eerste zaterdag van de maand). Vanwege de krokusvakantie hadden we de afgelopen week weer een top verkoop. En ja, die Biggles die ik er net had in gezet, waren aan het einde van de dag verdwenen. Die zit nu iemand lekker te lezen.

 

Read more

Ik keek net naar DWDD waar het maandelijkse boekenpanel hun boeken bespraken. Daar kwam ineens Jan Kalman Stefansson voorbij. Ik las ooit zijn trilogie, Hemel en hel, Het verdriet van de engelen en Het hart van de mens. Ik las eerste het eerste deel en pas later de andere twee delen en daar had ik spijt van. Ik ga ooit, als ik wat langer de tijd heb, het liefst in een lange koude winter, de drie delen achter elkaar lezen. Ik heb nog nooit zo’n bijzonder boek gelezen. Ik ga binnenkort nog wel wat lijsten maken; van die boeken die mijn leven hebben veranderd, maar ook een lijst met de mooiste boeken of de meest bijzondere boeken, of de boeken waar ik om gehuild heb (zijn er niet zoveel).

Van zijn boeken raak je echt in een roes, ze  kunnen je helemaal  losweken uit je eigen wereld. Ik had dezelfde ervaring met het boek Sneeuw van Orhan Pamuk. Misschien moet dat een criterium zijn voor een lijstje, boeken waardoor je alles om je heen vergeet en mee gaat in de wereld van de schrijver, in het geval van Jon Kalma, het IJsland van rond 1900 als ik me niet vergis. Een keiharde wereld waarin de mensen op elkaar aangewezen zijn om te overleven. Er staan heel veel poëtische bespiegelingen in en filosofische gedachten. Een naamloze jongen is de hoofdpersoon. Het is een heel bijzonder boek. En nu is er dan Zomerlicht, en dan komt de nacht. Die moet ik natuurlijk ook lezen, maar dat komt nog wel.

Wat ik niet heb vermeld is dat ik de afgelopen week (ik had denk ik te veel gelezen) de eerste serie van de nieuwe Fargo heb gekeken. Ik had de originele film uit 1996 gezien en had die nog wel op mijn netvlies staan. De nieuwe serie is een origineel van Netflix (van de gebroeders Coen) en ook weer gebaseerd op een waargebeurde moord. Heel veel humor en kneuterigheid afgewisseld met keiharde actie. “In wezen gaat het er in Fargo altijd om wat mensen bereid zijn te doen voor geld”. Heel veel dus. Heerlijk om naar te kijken. En er is een overeenkomst met de boeken die ik boven besprak, alles speelt zich af in de ijzige kou. Kan ik nog even lekker vooruit, want er zijn nog twee seizoenen. En de afgelopen week was met zijn extreme kou uitstekend geschikt om deze serie te kijken.

Read more

Robert Harris’Conclaaf was na twee lang avonden lezen en een treinrit uit. Heel spannend en leerzaam (ook kardinalen zijn ijdel, machtsbelust en wreed)  maar het haalde het niet bij De officier.  Ik was begonnen in Martin Gray Uit naam van al de mijnen, een klassieker uit de overlevingsliteratuur over de Tweede Wereldoorlog.  Ik heb er een avond in zitten lezen, maar besloten er toch niet in verder te gaan. Ik heb geen zin in de horror van de oorlog. Misschien beginnen sommige mensen zich al af te vragen  waar ik toch de tijd vandaan haal om zo veel te lezen. Heel eenvoudig, geen televisie kijken. Meestal gaan bij rond 10 uur s’avonds de boeken dicht en kijk ik nog wat televisie.

Wat heb ik nu op de plank liggen voor vanavond? Het boek  Zuivering Van Tom Lanoye. Ik ben een groot fan van Lanoye, diepzinnig, maar toch altijd licht omdat hij met zoveel humor schrijft. Ik las tot nu toe: Een slagerszoon met een brilletje, Kartonnen dozen,Gelukkige slaven (aanrader!) en Sprakeloos, over de dood van zijn moeder. Van een vriend die vaak naar het radioprogramma Nooit meer slapen luistert kreeg ik nog de tip dat er een nieuwe boek van Miguel Bulnes is verschenen met de titel Reconquista, waar ik als voormalig Hispanist wel interesse in heb. Het gaat over de strijd tussen de christenen en mohammedanen in het middeleeuwse Spanje. Waarover ik ook net uitgebreid heb gelezen in de het boek van Frankopan De zijderoute.

 

Read more

Ik las net een interview met Ilse Warringa, die volkomen overdonderd is door het succes van de Luizenmoeder. Ze zegt ergens, er is geen grijs gebied meer in de discussies  als bijvoorbeeld #metoo en #zwartepiet, elke nuance is verdwenen. Een belangrijke uitspraak die iedereen zich ter harte zou moeten nemen. Ik las de afgelopen dagen Grijze zielen van Philippe Claudel. In dit boek dat zich afspeelt in Noord-Frankrijk tijdens WOI wordt in een klein dorp een mooie meisje van tien vermoordt. Het verhaal wordt verteld door een politieagent die terugblikt op de moord en zijn gedachten uiteenzet om te reconstrueren wie de moord pleegde.

Wat Claudel vervolgens laat zien is dat er geen scherpe lijn kan worden getrokken tussen goed en kwaad. Ook de oorlog speelt op de achtergrond een rol als een element om normen te laten vervagen. Ik heb eens het waargebeurde verhaal gelezen van de jonge Duitse vrouw gelezen die haar twee kinderen achterliet en zelf twee weken op reis ging. Michael Kumpfmuller schreef daar het boek Dorst over in 2004. Kumpfmuller zelf vader van twee kleine kinderen wilde een tegengeluid laten horen aan de publieke opinie die niets anders deed dan deze vrouw afschilderen als een monster. Hij verdiepte zich in het dramatische leven van deze jonge vrouw en liet zien dat er veel meer daders waren dan alleen het meisje. Ook haar familie en de hulpverlening hadden het af laten weten. Ik vond beide boeken indrukwekkend.

Twee fragmenten uit Grijze Zielen: ‘Liefde en misdaad zouden plotseling door elkaar zijn gaan lopen, alsof je alleen maar kon vermoorden waar je van hield. Verder niets. Lang heb ik geleefd met de gedachte dat Destinat alleen vanwege een droombeeld, bij vergissing, uit hoop, uit herinnering, uit angst een moord had begaan. Dat had iets moois, vond ik. Het maakte de moord niet minder erg maar gaf hem wel glans, maakte hem minder weerzinwekkend. Dader en slachtoffer werden beiden martelaars: dat gebeurt niet vaak.”Een van die twee had de moord gepleegd, dat stond vast, maar de ander had het kunnen doen, en in wezen is er tussen de intentie en de daad geen enkel verschil.’

Toen Chris van der Heijden zijn boek Grijs verleden; Nederland en de tweede Wereldoorlog  rolde heel Nederland over hem heen. Mensen willen niet horen over grijstinten, ze willen beelden in zwart of wit. Gelukkig zijn er schrijvers die ons er steeds weer aan herinneren dat de werkelijkheid zo veel lastiger is te duiden.

Read more

In 1980 kocht ik mijn eerste vliegtuigticket naar Mexico voor 1000 gulden. Ik had er het hele jaar voor gespaard. Zesentwintig jaar later besprak ik bij RTVNH een boek  van Jan Juffermans Nut & Noodzaak van de mondiale voetafdruk en kwam er achter hoe groot de impact van vliegen op het milieu was. Ik door omstandigheden al een tijdje gestopt met autorijden, dus suste is mezelf met het idee dat ik dan wel twee keer per jaar met het vliegtuig naar het buitenland mocht. Want vanaf het moment dat ik dat boek had gelezen wilde ik me bewust zijn van alles wat mijn voetafdruk bepaalde.

 

In De Groene van 22 februari staat een mooi artikel over de toekomst van het vliegen. Daarin het verhaal van Peter Kalmus die als klimaatwetenschapper uitrekende wat hij verbruikte van zijn CO2-voetafdruk met het vliegen. Hij schrok zo van de uitkomst dat hij stopte met vliegen. In 1996 stuntte Easyjet door te adverteren met een enkeltje Londen voor 99 gulden. Tussen 1990 en 2010 explodeerde het aantal passagiers van 1 miljard naar 2,6 miljard. En toch bleef de luchtvaartsector buiten schot op de klimaatconferentie in Parijs (the elephant in the room).

De actiegroep Transport & Environment strijdt al jaren voor maatregelen om de luchtvaartemissies terug te dringen. Er is maar een oplossing, vliegen moet veel duurder worden. De politiek en de luchtvaartsector denken dat burgers daar niet aan willen en houden elkaar in gijzeling. Maar ik zag afgelopen week een aantal gestrande reizigers door de staking van piloten die allemaal zeiden dat ze bereid waren meer te betalen voor hun ticket. Politici moeten zich bewust zijn dat we natuurlijk graag willen vliegen en wereldburgers willen zijn. Maar tegelijkertijd weten we ook dat ongelimiteerd vliegen niet meer kan als we de opwarming van de aarde tegen willen houden.

Een lichtpuntje. De EU besloot om het vliegverkeer op te nemen in haar klimaatdoelen.

Read more

Vorig jaar werd het boek De officier van Robert Harris uitgeroepen door Vrij Nederland  tot de thriller van het jaar. Op aanraden van een literair georiënteerde vriendin ben ik het toch gaan lezen en ik was meteen verkocht. En ik niet alleen, ook verschillende andere leden van de boekenclub hebben ademloos het verhaal over de Dreyfuss-affaire gelezen. Wat een research, wat een details, wat een opbouw van de spanning naar een climax. Diezelfde literaire vriendin zegt dat bijna alle romans op driekwart van het boek instorten, maar deze blijft tot op het laatst spannend, terwijl je de afloop al weet.

Afgelopen week heb ik halverwege het zeer dikke boek De zijderoute van Frankopan  weggelegd omdat ik zin had in iets anders. Het vraagt behoorlijk wat doorzettingsvermogen om in deze geschiedenis door te blijven lezen. Zoveel feiten, zoveel geschiedenissen die door elkaar heen lopen, het blijft taai. Omdat ik nu beland was bij de overgang van de macht van het Oosten naar het Westen, waar we veel meer over weten door ons geschiedenis onderwijs ben ik even gestopt, om het misschien later nog weer eens op te pakken. Niet iedereen schrijft zoals Russel Shorto in Amsterdam, of Geert Mak Reizen zonder John, op zoek naar Amerika, of Martin Bossenbroek, De boerenoorlog die hangen een boek over geschiedenis op aan historische figuren, een fantastische methode.

Gisteren diepte ik tijdens het sorteren van de boeken een van de laatste van Robert Harris op uit een kist. Conclaaf, het verhaal over de verkiezing van een nieuwe paus in de Sixtijnse Kapel. Ik kon het gisteravond al bijna niet meer neerleggen, zo spannend. Morgen in de trein mag ik weer verder. En dat terwijl ik helemaal niet van thrillers houdt. Maar dit boek is net als De officier zoveel meer, en dan vooral vanwege de mensenkennis die Harris heeft. Devote mannen in de ban van een machtsspel. Heerlijk.

Read more

Vrijdag hadden we weer de tweemaandelijkse boekenclub. We waren het er allemaal over eens dat de trilogie over de Franse Revolutie van Hillary Mantel nog niet de kwaliteiten had die haar latere romans wel hebben. Ze schreef het boek toen ze vierentwintig was! Iedereen was constant Wikipedia aan het raadplegen om wijs te worden uit de gebeurtenissen. Dat lijkt me een zwakte van het boek.

De titels die voorbij kwamen die de moeite waard waren: Robert Seethaler, De Weense sigarenboer, Jane Howard‘s Cazalet-kronieken,  Lichte jaren, Aftellen, en Verwarring, David Foenkinos, Herinneringen, Robert Harris, De officier, Jane Gardam’s trilogie over Raj kinderen en Maxim Februari Klont.

En de mannen waren het met me eens, mannen gaan meer lezen naarmate ze ouder worden, bij voorkeur historische romans en biografieën.

Read more

Ik vroeg de conducteur vanochtend in de trein of hij het artikel van Sander Heijne in de Volkskrant over marktwerking al had gelezen. Dat had hij niet. Moest hij wel doen hoor. Hij zou het doen. Het artikel Samen krijgen we de markt wel klein van Sander Heijne, is zo’n artikel waar je een goed humeur van krijgt. Dit artikel gaat over zijn boek Er zijn nog 17 miljoen wachtenden voor u dat 20 februari verschijnt. Het gaat over dertig jaar marktwerking in Nederland, en dan vooral in de publieke sector, waaronder de NS. Ik reis veel met de trein en moet vooral niet denken dat de chaos van tegenwoordig iets te maken heeft met vallende blaadjes, ijs en looddiefstallen. Het komt door de opsplitsing van NS in NS en Prorail (vroeger gingen machinisten zelf met gasbranders wissels ontdooien, maar dat mag niet meer).

Marktwerking in de publieke sector heeft bijna nooit geleidt tot goedkoper en beter, integendeel. En de meeste beleidsmakers weten dat. Marc Chavannes schreef daar al eens over in Niemand regeert uit 2009, ooit door mij besproken bij RTVNH. Onderzoek naar aanleiding van het boek leidde tot de conclusie dat privatisering dingen complexer en bureaucratischer maakt. Maar er veranderde niets. Volgens Sander Heijne komt dat door de lobby van bedrijven die verdienen aan de marktwerking en door ‘ideologische luiheid’. Toch is Heijne hoopvol voor de toekomst omdat politici wel gevoelig blijken voor concrete wensenlijstjes van burgers met een brede achterban. Hij noemt recente voorbeelden acties die geleid hebben tot verandering; de huisartsen en Hugo Borst zijn mooie voorbeelden. Ik zelf noem programma’s als De monitor en Radar.

In navolging van deze activisten roept Heijne ons op om als beroepsgroep die worstelt met de doorgeschoten marktwerking de handen ineen te slaan. Sociale media zijn hierin een mooi instrument om mensen te mobiliseren. Eenmaal samen moet er een inventarisatie komen van de problemen, zodat het beleid met concrete voorstellen en gerichte acties weer de juiste kant opgeduwd kan worden. Het succes van de acties zal steeds afhangen van de redelijkheid van de eisen, dat laten Borst en de huisartsen zien. We zijn veel machtiger dan we denken.

 

Read more

Ik ben er van overtuigd dat er anders wordt gelezen door vrouwen dan door mannen. Mannen lezen sowieso meer non-fictie dan vrouwen, en de thrillermarkt wordt ook grotendeels bepaald door mannen (de thrillermarkt voor vrouwen bestaat pas sinds een jaar of tien). Ik vond ook dat bibliotheken zich te veel richtten op vrouwen omdat volgens onderzoeken vrouwen de veellezers zijn. Ik had altijd het idee dat dat anders zou kunnen en moeten. De mannen in mijn boekenclub zijn allemaal veellezers, echte boekaholics. Terwijl wij vrouwen veel tijd kwijt zijn aan allerlei sociale verplichtingen laten mannen zich daar meestal niet veel aan gelegen liggen en lezen lekker door. Ik heb er al een aantal gespot in de boekafdeling, ze komen elke week en zijn vertegenwoordigd in alle leeftijdcategorieën. De jongere vraagt meestal advies (de klassieken!!), de oudere veellezer zoekt zelf. Meestal gaat er een hele stapel mee. Willem Westeijn, die daar een boek over schreef, leest er honderd per jaar, twee per week, Maarten ‘Hart leest er bijvoorbeeld vier per week. Ik ken ook persoonlijk alleen mannelijke boekaholics geen vrouwelijke, alhoewel die er vast wel zullen zijn. Ik heb een paar jaar geleden een artikel  geschreven in Bibliotheekblad over het bewaren van de klassieken.

file:///C:/Users/Agnes%20Klitsie/Downloads/Waarom%20zouden%20we%20de%20klassieken%20bewaren_%20(1).pdf

Een andere groep is de (meestal maar niet alleenstaande) man die verlegen zit om een loopje en eventueel een praatje. Ze zijn vaak gepensioneerd of werkloos of zitten in nachtdienst. Ze houden van het informele karakter van een kringloopwinkel en zijn meestal geen lid van een bibliotheek. Uit de serie van Het succes van de kringloopwinkel bleek al dat deze plekken nog  de enige openbare ruimtes zijn waar je iedereen kan tegenkomen. Ik heb de afgelopen vijf maanden tot mijn plezier gezien dat er meer mannen dan vrouwen komen (ik schat 70/30), in de bibliotheek was dat andersom. Het is meegenomen als ze iets van hun gading vinden (in een kringloop kost het je ook niet al te veel als je een miskoop doet), maar het uiteindelijk doel is de ontmoeting.

Onlangs deed Jan Meerman, directeur CBW-Mitex, een interessante uitspraak: “Winkels moeten als kroegen worden.” Op BNR nieuwsradio bepleitte hij dat de winkel een sociale ontmoetingsplaats moet zijn waar gelijkgestemden elkaar treffen. Een visie met potentie? De mogelijkheden om op internet gelijkgestemden te vinden zijn eindeloos, en vooral, laagdrempelig. Ga online en je hebt zo forums gevonden gevuld met  mensen die graag boeken lezen, vaak vol met oproepjes om een leesclub te beginnen. Offline verzamelen deze mensen zich ook. Dagelijks krijgt een boekenwinkel hordes mensen over de vloer welke allen dezelfde interesse hebben. De winkel heeft alle ….

Wat wel al opvalt aan de vier profielen die ik tot nog toe heb geschetst dat ze alle vier door alle leeftijden heen lopen, De profielen waar ik in de bibliotheek mee moest werken waren meestal gebaseerd op leeftijd en dus op fases in het leven. Een totaal andere benadering.

Morgen heb ik weer boekenclub. Daarover een verslag volgende week dinsdag. Tot dan…

Read more

Ik had er nog wel zo’n zin in, Het leven in tijden van vrede van Francesco Pecoraro. Het zat zowaar in een boekenkist, terwijl het net nieuw is en ik er al een tijdje op zat te wachten bij de bibliotheek. Ik begon er gisteren in trein aan en ondanks dat ik er de kwaliteiten van zag ging het me gedurende de reis steeds meer tegen staan. Een zeventiger die terugblikt op zijn leven en zwartgallig commentaar geeft op het moderne leven.  Ik liet het even zien aan mijn vriendin die al vijentwintig jaar boeken vertaald vanuit het Spaans en die schoof het al na een zin terzijde omdat hij niet logisch was, of niet klopte.

Even snel op Hebban gekeken naar een recensie en zie daar  de termen langdradig (inderdaad!, hij zeurt maar door over bepaalde zaken), onrustig (ook heel waar, het schiet heen en weer) voorbij komen. De Volkskrant heeft het over ‘even doorbijten’ als de man  met het IMS syndroom (Irritable male syndrom) zich de eerste 150 pagina’s voorstelt. Ik heb er duidelijk geen zin in, de tijd die ik heb om te lezen wil ik niet aan deze man besteden, ondanks een vaag gevoel dat ik wat ga missen omdat ze het maar steeds hebben over een grootse roman en het daverende vergezicht dat Ivo Brandani, de hoofdpersoon  ons na 500 bladzijden zal gunnen.

Vanavond ga ik beginnen aan Klont van Maxim Februari, waarvan ik in 2007 het boek De literaire kring las (toen Maxim nog Marjolein heette) waar ik van onder de indruk was.

Read more